Mais planten

Proeflocatie 2026: Bemestingsstrategieën in de suikerbietenteelt

 

Akkerbouwer Pieter Thelosen voert in 2026 op de proeflocatie Zeeland een experiment uit met verschillende bemestingsstrategieën in de suikerbietenteelt. Binnen dit experiment wordt gekeken naar de combinatie van een lagere bemestingsgift en het gebruik van een nitrificatieremmer.

In de praktijk staat de sector voor de uitdaging om efficiënter met nutriënten om te gaan en tegelijkertijd verliezen naar het milieu te beperken. Een nitrificatieremmer, zoals Terra Stabil, vertraagt de omzetting van ammonium naar nitraat in de bodem. Hierdoor blijft stikstof langer beschikbaar voor het gewas en kan uitspoeling mogelijk worden verminderd.

Pieter wil met dit experiment onderzoeken of het mogelijk is om met minder drijfmest en het gebruik van een nitrificatieremmer een vergelijkbare opbrengst te behalen, terwijl de nitraatverliezen worden beperkt.

Opzet van het experiment

Het experiment is opgezet als een praktijkdemo met een eenvoudige strokenindeling, zonder herhalingen. Binnen het perceel worden drie verschillende bemestingsstrategieën met elkaar vergeleken.

In de eerste strook worden de suikerbieten op de gebruikelijke manier bemest met drijfmest. In de tweede strook wordt gewerkt met een halve bemestingsgift. In de derde strook wordt eveneens een halve bemestingsgift toegepast, maar dan in combinatie met een nitrificatieremmer (Terra Stabil).

Door deze drie varianten naast elkaar te leggen, ontstaat inzicht in het effect van minder bemesting en het gebruik van een additief op zowel de gewasontwikkeling als de nutriëntenbenutting.

Metingen en waarnemingen

Om de effecten van de verschillende bemestingsstrategieën goed in beeld te brengen, worden zowel tijdens als na de teelt metingen uitgevoerd. Bij de oogst wordt de gewasopbrengst bepaald en wordt de voederwaarde van de bieten geanalyseerd.

Na afloop van het teeltseizoen worden aanvullende bodemanalyses uitgevoerd. Dit omvat Chroma-analyses en bodembalansanalyses om veranderingen in bodemkwaliteit inzichtelijk te maken. Daarnaast worden N-residumetingen uitgevoerd om te bepalen hoeveel stikstof er na de teelt nog in de bodem aanwezig is.

De uitvoering van de metingen ligt deels bij de ondernemer en deels bij externe partijen. Zo worden opbrengstgegevens door de ondernemer verzameld, terwijl analyses worden uitgevoerd door gespecialiseerde laboratoria.

Onderzoeksvragen

Binnen dit experiment staat de vraag centraal of het mogelijk is om met minder bemesting een vergelijkbare opbrengst te realiseren in de suikerbietenteelt.

Pieter wil specifiek weten wat het effect is van een halvering van de drijfmestgift op de opbrengst en kwaliteit van de bieten. Daarnaast onderzoekt hij of het gebruik van een nitrificatieremmer ervoor zorgt dat stikstof beter beschikbaar blijft voor het gewas en minder uitspoelt naar het milieu.

Ook wordt gekeken naar de nitraatbeschikbaarheid aan het einde van het teeltseizoen, om zo inzicht te krijgen in de mate van nutriëntenverlies. Uiteindelijk moet het experiment antwoord geven op de vraag of deze bemestingsstrategie bijdraagt aan een efficiëntere en duurzamere teelt van suikerbieten.

Bijzonderheden
Thema: Bodem- en waterkwaliteit
Aanvrager: Akkerbouwer Pieter Thelosen
Medewerking van: Bodembemonstering Soilz
Financiering: Grond beschikbaar gesteld door De AgroProeftuin Noordoost-Brabant
Looptijd: 2026
Locatie: Proeflocatie Zeeland